Planten vermenigvuldigen door zaad of sporen is de natuurlijke manier
van voortplanting. Zaaien wordt ook wel “generatieve kweekmethode”
of de “geslachtelijke kweekmethode” genoemd.
1. Doel van de vermenigvuldiging:
Alles wat leeft vermenigvuldigt zich om de soort in stand te houden.
In de vrije natuur gebeurt dit door zaad.
2. Vermenigvuldigingswijzen:
Er bestaan twee manieren van zaadwinning:
- natuurlijke
- kunstmatige
2.1. Natuurlijke geslachtelijke vermenigvuldiging:
De geslachtelijke of generatieve vermenigvuldiging gebeurt door zaden
(vb. zonnebloem) of door sporen (vb. varens). De meeste planten
vermenigvuldigen zich door zaad. Deze wijze wordt geslachtelijk
genoemd omdat bij de vorming van het zaad of sporen de beide
geslachten een rol hebben gespeeld.
2.1.1 Voor- en nadelen van ZAAIEN:
VOORDELEN
1. Het is goedkoop.
2. Het is gemakkelijk.
3. Je hebt snel een groot aantal nieuwe planten.
4. De kans op het overbrengen van virusziekten is kleiner.
NADELEN
1. Het is niet altijd gemakkelijk om zaden te winnen.
2. Het duurt veel langer vooraleer je een grote, marktklare plant hebt
gekweekt.
3. Vele rassen komen niet raszuiver terug.
4. De nakomelingen zijn heterogeen d.w.z. ze zijn allemaal
verschillend van elkaar.
5. De nakomelingen kunnen ook veel verschillen t.o.v. de ouders:
groei, bloemkleur,...
Vermits het zaad afkomstig is van een moederplant en van een
vaderplant, heeft die ook twee verschillende groepen van
eigenschappen. De nieuwe planten die uit het zaad ontstaan kunnen
daardoor sterk afwijken van de ouderplanten . Ze kunnen beter of
slechter zijn.
2.2. Kunstmatige geslachtelijke vermenigvuldiging of kunstmatig
zaad winnen:
De term wordt gebruikt voor het aanduiden van nakomelingen van
kruisingen met inteeltlijnen, waarbij de nakomelingen de goede
eigenschappen van de ouders bezitten.
2.2.1. Voor- en nadelen van kunstmatige vermenigvuldiging:
VOORDELEN
1. Betere planten geven hogere opbrengsten
2. Homogene planten d.w.z. de planten verschillen bijna niet van
elkaar; ze zijn gelijkmatig. (HYBRIDES)
3. Groter weerstandsvermogen tegen ziekten en weersomstandigheden.
4. Betere eigenschappen: mooiere bloemen of bladeren, betere
bloemgeur, sneller groeien, ...
NADELEN
1. Duurder.
2. Als je van een hybrideplant zaad afneemt bekom je terug
ongelijkmatige nakomelingen.
2.3. Zaaiwijzen:
Het zaaien kan machinaal of met de hand gebeuren.
Vele gewassen worden enkel nog machinaal gezaaid.
Er zijn verschillende manieren om te zaaien:
2.3.1. Breedwerpig zaaien:
Het zaad wordt over de ganse oppervlakte van het perceel geworpen.
Vb.: gazon, spinazie,..
Als de grond fijn en losgemaakt is moeten we het zaad zo regelmatig
mogelijk over het perceel verdelen. Breedwerpig zaaien is mogelijk met
kleinere zaden. Breedwerpig zaaien vereist een gelijkmatige verdeling
van het zaad. Zo’n verdeling is mogelijk door mensen met ervaring te
laten zaaien.
Na het zaaien wordt er lichtjes over het perceel gerakeld zodat de
zaden net met een dun laagje aarde worden bedekt. Daarna kan men de
grond nog eens rollen zodat de zaden goed in contact komen met de
vochtige grond.
2.3.2. Op rijen zaaien / in lijn zaaien:
Bijna alle gewassen in de landbouw en tuinbouw. Vb.: wortels, radijs,
maďs,....
Hierbij brengen we de zaden aan in voren. De diepte van deze voren is
afhankelijk van de grootte van de zaden. Hoe groter de zaden des te
dieper de voren. Het zaaien gebeurt met een zaaimachientje of we
trekken voren met een stok langs een goed gespannen plantkoord. Na het
zaaien wordt de voor terug gedicht en zachtjes aangedrukt.
De zaden liggen dus op een rechte rij, met tussen de rijen steeds
eenzelfde afstand. Toch zijn hier ook nog variaties: met een gewone
zaaimachine: de zaadjes liggen in de rij op een willekeurige afstand
van elkaar.
Dunnen kan nodig zijn. Bv.: wortels
met een precisiezaaimachine: de afstand tussen de zaadjes in de rij is
gelijk.
zaaien op hoopjes: op een bepaalde afstand worden hoopjes gelegd. |
VOORDELEN IN RIJEN ZAAIEN t.o.v. BREEDWERPIG ZAAIEN:
- besparing van zaden dus goedkoper
- betere zaadverdeling
- onkruid is beter te verwijderen
- makkelijkere en snellere uitdunning
|
2.4. Zaaiplaats:
In de landbouw worden de gewassen ter plaatse gezaaid. In de
tuinbouw worden de zaaimethoden in twee groepen verdeeld ,
namelijk:
1. TER PLAATSE ZAAIEN:
Ter plaatse wil zeggen dat men zaait op de plaats waar de
planten kunnen blijven groeien tot ze oogstbaar zijn. Ter
plaatse zaaien kan breedwerpig of in rijen gebeuren.
2. NIET TER PLAATSE:
Niet ter plaatse zaaien wil zeggen dat de plantjes na een
lange of korte periode verplaatst worden. Dit gebeurt bv. met
de meeste één- en tweejarige bloemen.
zaaien in kistjes of potjes.
Op wachtbed om later uit te planten: bv.: prei
Achteraf wordt er uitgeplant. Vaak wordt er extra gestookt,
waardoor de planten sneller oogstbaar zijn. |
 |
ZAAIEN IN EEN ZAAITEIL:
1. Vul de zaaibak voor ľ met zaaigrond.
2. Met een zeef verder vullen tot boven de rand. Met de vingers de
grond gelijk verdelen tot in de hoeken.
3. Met een afstrijklat de grond verwijderen die boven de rand uitkomt.
4. De grond lichtjes aandrukken met een plankje tot ± 1 cm onder de
rand.
5. Zaai de helft van de hoeveelheid zaad.
6. Draai de bak 90° (rechte hoek) en zaai de andere helft.
7. M.b.v. een zeef de zaden met een laagje grond(=zaaddikte) bedekken.
8. Op een etiket schrijven we naam en de zaaidatum, en we zetten dit
in de bak.
9. Water geven met een zeer fijne broes.
10. De bak afdekken met een glasplaat om de zaadjes warm en vochtig te
houden.
11. Een vel papier over het glas voorkomt grote
temperatuurschommelingen.