Zaaien in een zaaikist.

 

Inleiding:
Het zaaien van planten is de meest gebruikte en natuurlijkste manier om planten te vermenigvuldigen. In een vroeger artikel over het zaaien werd daar uitvoerig op ingegaan.

Dit artikel gaat alleen over het zaaien in een zaaikist.
Deze manier van zaaien is enkel bedoeld als voorlopige standplaats van de plantjes, deze worden na het kiemen opgepot of verspeend.
Hoewel deze zaaiwijze niet zo moeilijk is, zijn hier toch technieken essentieel - en wel in een juiste volgorde - om succes te garanderen. 

Benodigdheden :

·        Zaaikistje: een zaaikistje moet stevig zijn met onderaan drainagegaten. De materie van het kistje bestaat uit terracotta, hout, pvc, piepschuim... Zorg er voor dat het zaaikistje vóór gebruik steriel is (goed schoonmaken!).

·        Zeef: dit kan een zeef zijn met vierkante gaasopeningen van 0,5 cm .

·        Meetlat: dient om de gezeefde grond af te strijken en te nivelleren. Ook een vlak stuk metaal of een houten lat kan dienstig zijn.

·       Aandrukplank: dient om de gezeefde en losse grond en ook de zaden aan te drukken.

·        Potscherven: dienen om over de drainagegaten te leggen in de zaaikist.

·        Zaaigrond: deze grond - die men in een tuincentrum aanschaft - bevat weinig voedsel en is vrij van ziekten, insecten en onkruidzaden, dit is zeer belangrijk opdat de zaden in een zo steriel mogelijke omgeving kunnen kiemen.

·       Zaaidoosje: kan men eveneens in een tuincentrum aanschaffen. Met een zaaidoosje heeft men het voordeel dat er nauwkeurig en gedoseerd kan gezaaid worden. Men kan de opening ervan regelen naar grootte, dikte en hoeveelheid van de zaden.

Werkwijze :

Neem een zaaikistje en bedek de gaten met potscherven. Dit is nodig voor een goede drainage maar ook vooral om de grond niet weg te spoelen bij het opzuigen van water (= grondverzakkingen). De diepte van het zaaikistje moet minstens 5 cm zijn.
Vul het zaaikistje voor de helft (gewone kistjes) tot 3/4 (diepere kistjes) op met niet gezeefde, grove zaaigrond. Voor zaden met een lange kiemduur of gekiemde plantjes die een geruime tijd in een zaaikist moeten staan (vb. selder) wordt er gebruik gemaakt van een meer voedzamere potgrond.

Opgelet
: de grond mag niet te nat maar ook niet te droog zijn.
Druk met een houten drukplank (makkelijk zelf te maken) de grond goed aan, wat belangrijk is om latere grondverzakkingen in de zaaikist te vermijden.
Neem een zeef en doe er de zaaigrond in. Al schuddend wordt de grond gezeefd over de zaaikist totdat hij ruim boven de oppervlakte uitkomt.
De gezeefde grond wordt met een meetlat of ander vlak voorwerp afgestreken door zigzaggend over de randen van de zaaikist te gaan. Maak dat ook de randen vrij zijn van grond, na deze handeling  is de zaaikist gebruiksklaar.

Het zaaidoosje wordt met de zaden gevuld, deze worden daarna gelijkmatig verdeeld (met het doosje van links en naar rechts schudden). Men zaait eerst overlangs en daarna overdwars, zo zijn de zaden egaal verdeeld over de zaaikist. Men kan een zaaidoosje vervangen door een stuk karton of hard papier dat geplooid gebruikt ook een goed resultaat kan geven of ook nog  kan men met  duim en wijsvinger de zaden uitzaaien. Deze manier van zaaien noemt men breedwerpig. Grotere zaden kunnen we manueel op de gewenste afstand uitleggen.

De zaden worden met de aandrukplank goed aangedrukt zodat de grond 0,5 tot 1 cm onder de rand van de zaaikist komt. Zaden die een dikke deklaag nodig hebben zal men zwaarder aandrukken dan zaden met een dunnere deklaag. Het aandrukken is wel nodig wil men straks bij het afstrijken van de grond de zaden niet mee verwijderen.

De zaden worden afgedekt met een laagje dekgrond. De dikte van de dekgrond bedraagt in regel 2 X de dikte van het zaad. Deze deklaag wordt over de zaden gezeefd tot de gewenste dikte. Bepaalde zaden worden niet bedekt met dekgrond (o.a. selder), deze worden lichtkiemers genoemd.


De  afwerking van de zaaikist bestaat erin om met de meetlat de overtollige dekgrond af te strijken. De zaaikist is klaar, nu nog enkel water geven en  even een etiketje plaatsen met datum van zaaien en het soort plant  (d.m.v. een vet potlood = weer– en waterbestendig en kan later uitgegomd worden).

De zaaikist wordt verzadigd met water door de zaaikist enkele minuten in een waterbad te plaatsen. Het water zal via de openingen onderaan de zaaikist omhoog stijgen (haarbuiskracht) en de grond bevochtigen, ook bovenaan met een zachte nevelbroes lichtjes de dekgrond bevochtigen.

De met water verzadigde zaaikist wordt op een lichte, warme plaats gezet en om uitdroging  te voorkomen legt men er bovenaan een vel geperforeerde plastiekfolie.

Bij lichtkiemers leggen we boven de zaden vochtig krantenpapier of jute en houden deze vochtig tot de kieming. Dan wordt deze bedekking weggenomen.

Er bestaan ook vorstkiemers (Roomse kervel). Hier wordt de zaaikist na het zaaien gedurende enkele dagen op een zeer koele plaats (0°C of nog minder) gezet (koelkast of buiten bij koud weer)

 

Zorgen na het zaaien
:

De nazorg is van zeer groot belang wil men een ideale kieming en opgroei van de kiemplantjes bekomen:

  • Regelmatig controleren op vochtigheid. Zeker de deklaag in het oog houden zodat er zich geen droge korst kan vormen, wanneer te droog ingrijpen door de kist enkele minuten in een waterbad vocht te laten opzuigen, eventueel ook bovenaan vernevelen.

  • Wanneer de zaden gekiemd zijn de geperforeerde plastiekfolie, het krantenpapier of de jute verwijderen.

  • De zaaikist wordt best op een lichte plaats gesteld, anders gaan de jonge plantjes fileren (uitrekken) en dit proces heeft tere en broze kiemplantjes tot gevolg.Ook  wel geen rechtstreeks zonlicht dat verbranding en uitdroging kan geven.

  • Zorg voor voldoende warmte 25°C (min of meer naargelang de soort plant), soms is bodemwarmte ook wel noodzakelijk, afhankelijk van de plantensoort. Sommige zaden hebben eerst een koudeshock nodig om te kiemen (vorstkiemers).

  • Zorg voor voldoende verluchting, zeker na de kieming, dit zal aantasting van bodemschimmels (bothrytis) voorkomen.

Auteur: hofmeester Wilfried Van Hecke
Auteur: www.tuinclub.be

Dit artikel is copyright © De digitale tuinclub

Terug naar de
homepagina