|
De
kalender vertelt het ons zelf. De groentetuin is in
augustus over zijn zaai - en planthoogtepunt heen.
Augustus is de oogstmaand. Wie toch nog wat zaai en
plantmogelijkheden wil hebben, kan de moestuin
werkzaamheden in een notendop raadplegen. Ook andere
wetenswaardigheden staan daar samengesteld. Wat
hierna volgt, diept een en ander gewoon verder uit.
Zoals water geven.

In België valt er
normaal meer water naar beneden dan ons lief is, maar voor de
moestuin komt het niet altijd op het juiste moment. Dat betekent
dat we af en toe zelf moeten bijspringen. Onder glas zal zelf al
het noodzakelijke water door mensenhand toegediend moeten worden.
Er
zijn in principe drie momenten, waarop water geven belangrijk is:
bij het zaaien, het uitplanten en bij een algemene droogte. Over
het algemeen is het moment van uitplanten voor de groenteplanten
het meest kritische moment van de teelt.
Daarbij maakt het nog
verschil of het plantmateriaal in perspot of bloempot is
opgekweekt, dan wel dat de planten van een zaaibed afkomen en
zonder aarde uitgeplant worden.
Eerst bekijken we het
zaaien van veldsla en spinazie als voorbeeld. Zaad heeft om te
kiemen vocht nodig. Maar dat is niet zoveel als een groeiende
plant hoeft. Dat betekent dan ook dat zaad dat we in een vochtige
bodem zaaien, in principe geen extra water nodig heeft. Alleen als
de grond echt droog is, is gieten in het zaadgeultje of beregenen
gewenst. Als er de eerstvolgende tijd na het zaaien geen regen
verwacht wordt, kunnen we het zaad wat dieper zaaien, zodat de
kans op uitdroging kleiner is.

Wat het uitplanten
betreft zijn planten met losse wortels het meest kwetsbaar. In de
maand augustus kunnen we als voorbeeld onze op een zaaibed
opgekweekte winterbloemkool planten nemen. De wortels die ze nog
over hebben in de overgang van zaaibed naar definitieve
standplaats zijn vaak beschadigd en er moeten eerst nieuwe
haarwortels groeien om vocht en voedingsstoffen uit de grond te
kunnen halen. Deze planten dienen in een vochtige grond uitgeplant
te worden. Ook na het planten hebben de planten veel vocht nodig.
Het aangieten met gieter of tuinslang zorgt voor een goed contact
tussen wortel en grond en voorkomt uitdroging. Tenzij het regent
moeten we het aangieten de eerste dagen na het uitplanten
herhalen. Het uitplanten van perskluitplanten is veel minder
kritisch. Het is in dat geval belangrijk om de pot vooraf goed
vochtig te maken en na het planten nogmaals aan te gieten.
In de zomer als regen
uitblijft, zullen op een gegeven moment alle gewassen minder goed
groeien. Bij droogte is water geven noodzakelijk om de groei erin
te houden en te voorkomen dat de groenten afsterven. Geef echter
niet te snel water. Het is goed als de wortels op zoek gaan naar
water en zich dieper in de grond boren. En als we water geven,
geven we best niet te weinig. Controleer of de gehele bouwvoor
vochtig is en niet alleen de bovenste centimeters.
Om
het even welk water geven
Regenwater is
principieel het beste voor de planten. Als we het regenwater van
een serre of een schuurtje opvangen, is dat meestal wel voldoende
om te kunnen gieten bij het zaaien en planten. Als grotere
hoeveelheden water nodig zijn, dan kunnen we kraantjeswater,
grondwater of slootwater gebruiken. Let goed op de kwaliteit van
het water.

Leidingwater is vaak
hard. Grondwater kan te veel ijzer bevatten, wat bruine planten of
bruin serreglas oplevert. Bij slootwater hangt de kwaliteit af van
waar het water uit de sloot vandaan komt. Verlies om grotere
hoeveelheden water toe te dienen eventueel de investering in een
pomp en sproeiers niet uit het oog.
zie ook:
|