|
Geef vogels wat ze willen en ze komen graag in uw tuin. Zodat u
kunt genieten van hun zang, ze heerlijk bezig kunt zien, het
grootbrengen van hun jongen kunt volgen. Kijken en luisteren naar
vogels is enorm rustgevend en geeft een geweldig natuurgevoel. Zet
de juiste planten in uw tuin en de vogels komen vanzelf. En hoe
meer variatie in het groen, des te meer soorten vogels u mag
verwachten.
Winterkoninkjes broeden graag in
dichte hagen. Vinken, goudhaantjes, heggenmussen en mezen buitelen
zingend door de struiken op zoek naar insecten. Turkse tortels
koeren liefst in een wat hogere boom. Spreeuwen laten hun trillers
vanuit de plantentoppen horen. Lijsters en merels eten net zo lief
vruchten als wormen. Roodborstjes, kwikstaarten, boomklevers,
piepers, paapjes en tapuiten, fitis, tjiftjaf en tuinfluiter, u
mag ze allemaal verwachten met de juiste struiken en een enkele
boom in de tuin. Misschien zal zelfs ooit een verscholen
nachtegaal u tijdens een zoele zomernacht laten genieten zijn
verrukkelijke geluid.
Wat er nodig is
U moet planten neerzetten die
beschutting en bescherming bieden, die een uitkijkpost kunnen
vormen, waarin veilig gebroed kan worden, waarin veel insecten te
vinden zijn, waaraan voedzame bessen en andere vruchten groeien.
Dat kan in iedere tuin, ongeacht stijl, vorm, maat of sfeer. Er
zijn meer dan genoeg planten om uit te kiezen. Kies bij
besdragende heesters en bomen liefst voor cultivars met rode of
donker gekleurde bessen (blauwzwart). Daar komen de vogels eerder
op af dan op witte of gele vruchten.
Vogelvriendelijke loofgewassen, ook
klimmers, stekelplanten en besdragers
U heeft gegarandeerd succes met
esdoorns (Acer), elzen (Alnus), krentenboompje (Amelanchier),
zuurbessen (Berberis), erwtenstruik (Caragana),
dwergkweeën (Chaenomeles), allerlei soorten Clematis
(vooral kleinbloemige als C. montana), blazenstruik (Colutea),
kornoeljes (Cornus-soorten), hazelaars (Corylus),
dwergmispels (Cotoneaster), meidoorns (Crataegus),
olijfwilgen (Elaeagnus), kardinaalshoed (Euonymus),
bruissluier (Fallopia aubertii), valse christusdoorn
(Gleditsia), klimmende klimop (Hedera), duindoorn (Hippophae),
(klim)hortensia’s (Hydrangea), hulstsoorten (Ilex),
Kolkwitzia amabilis, ligusters (Ligustrum-soorten),
kamperfoelie (Lonicera, zowel klimmers als struikvormen),
boksdoorn (Lycium), (sier)appels (Malus), wilde
wingerd (Parthenocissus), Physocarpus, vuurdoorn (Pyracantha),
allerlei soorten Prunus, wegedoorn (Rhamnus-soorten),
Ribes, Robinia’s, rozen, bramen en Japanse wijnbes (Rubus-soorten),
allerlei wilgen (Salix), vlier (Sambucus),
Sorbaria, lijster- en meelbessen (Sorbus-soorten),
sneeuwbes (Symphoricarpos) en sneeuwbalsoorten (Viburnum).
En daarnaast zijn allerlei coniferen ook erg welkom.
Ook heel praktisch
Eén mezenpaar met jongen verorbert
in één jaar de ongelooflijke hoeveelheid van meer dan 50 kg
insecten (natuurlijk inclusief larven, rupsen, poppen enz.). Dat
scheelt geweldig veel aantastingen (en dus werk) in de tuin. Veel
andere zangvogels zijn ook flinke insectenbestrijders. En daar
hoeft u niets anders voor te doen dan te zorgen dat ze het in uw
tuin prettig vinden. Zorg behalve voor de juiste planten en
veilige nestgelegenheid, voor wat water om te drinken en in te
badderen. Een goed voorziene voedertafel is ook een prima
vogelmagneet, zeker in de winter. Zorg wel voor ruimte eromheen,
zodat ‘uw’ vogels katten en roofvogels op tijd in de gaten hebben.
|