Peren zijn lekkere
vruchten waar de meeste mensen wel van houden. Zij worden geoogst
van bomen die gecultiveerd zijn vanuit de wilde peer, die we nog
maar zelden in de vrije natuur vinden.
Er zijn ook soorten
die geen peren voor menselijke consumptie leveren. Deze worden wel
door sommige vogels gegeten.
Deze soorten worden
geteeld om hun weelderige bloei en fraaie herfstkleur. Vroeger had
men voor deze bomen weinig belangstelling. Aan de Franse
missionaris Joseph Callery hebben wij het te danken dat deze boom
van de 19e eeuw in de belangstelling gekomen is. Vanuit
China heeft hij hem in West-Europa geïntroduceerd. Intussen zijn
van hieruit meerdere cultivars gekweekt en als laan-en straatbomen
aangeplant. Hij werd ook als tuin – en leiboom populair.

Plantkenmerken
Sierperen zijn
kleine bomen ( 8 -12 m) die vroeg in het voorjaar met weelderige
witte bloemtrossen bloeien zodat de boom met sneeuw bedekt lijkt.
De bloemen hebben 5 kelkblaadjes met in het midden stamper en
meeldraden. Na de bloei ontwikkelen zich kleine, bruine vruchten
die alleen voor vogels aantrekkelijk zijn.
Soorten
Pyrus calleryana is
een krachtig groeiende boom met een eironde kroon en scherp
gedoornde twijgen. De bladeren zijn ovaal en glanzend.
Pyrus calleryana
‘Autumn Blaze’ is een Amerikaanse cultivar met een piramidaal
opgaande groeiwijze. Het jonge blad loopt roodachtig uit, maar
wordt snel groen. Het blad verkleurt in het najaar opvallend rood
en valt gauw uit.

Pyrus calleryana ‘Autumn Blaze’
Pyrus calleryana
‘Bradford’ is ook een Amerikaanse cultivar met een eivormige kroon
die later uitzakt en bijna waaiervormig wordt. Het diepgroene blad
blijft lang aan de boom en kleurt zwak purper.
Pyrus calleryana "Chanticleer’
wordt het meest aangeplant om zijn mooie bloemtuilen die met 6 tot
12 bijeenstaan en zijn herfstverkleuring in gele en rode tinten.

Pyrus calleryana "Chanticleer’
Pyrus calleryana
‘Redspire’ blijft iets smaller dan de andere soorten. Hij heeft
een compacte groeiwijze. Het blad verkleurt in het najaar geel en
paarsrood.
Pyrus nivalis
(sneeuwpeer) is een kleine boom. De jonge twijgen zijn zilverwit
behaard. De stam is donkergrijs, bijna zwart. Hij is doornloos. De
onderzijde van het blad blijft het hele jaar door witviltig. Het
krijgt in de herfst een donkerrode kleur. Gelijktijdig met het
nieuwe blad verschijnen de viltig behaarde bloemtuilen met witte
bloemen. In de nazomer verschijnen geelgroene vruchten die een
wrange smaak hebben.

Pyrus nivilis
Pyrus salicifolia (wilgbladige
peer) is een kleine hooguit 8 m hoge boom met dunne, overhangende,
gedoornde twijgen. Hij wordt vaak even breed als hoog. Zijn schors
is zilvergrijs. Het smalle lancetvormige blad is grijswit, later
grijsgroen en viltig behaard. Het lijkt op wilgenblad. De bloemen
verschijnen gelijktijdig met het blad. De crèmewitte bloemen zijn
onopvallend tussen het zilvergrijze blad.
Hiervan betstaat
ook een treurvorm Pyrus salicifolia ‘Pendula’.

Pyrus salicifolia
Gebruik
Het hout van
sierperen is zo decoratief dat het soms voor draaiwerk gebruikt
wordt. Er worden ook pianotoetsen en sierlijke handvaten van
gemaakt. Het is ook geschikt voor inlegwerk.
Snoeien
De sierpeer heeft
weinig snoei nodig. Aan het eind van de winter kun je beschadigde
of dode takken verwijderen. Je kunt in de kroon enkele takken
wegsnoeien om meer licht in de boom te brengen.
Pyrus calleryana
(bot.)
Callery pear (Eng.)
Chinesische
Wildbirne (Duits)
Rosaceae –
roosfamilie
zie ook het artikel
peren snoeien