|
Grassen geven een weldadig
gevoel. We hebben iets met die altijd ritselende, wuivende, op de
wind golvende massa’s stengels en bladeren, waar het licht
geheimzinnig doorheen speelt. Een restgevoel uit onze ‘droomtijd’
misschien? Uit de tijd dat onze zeer verre voorouders op de
grazige, warme steppen leefden? Grassen hebben ook voor de tuin
ongelooflijk veel te bieden: van klein blauw bodembedekkend
schapegras tot metershoge bamboes en bijvoorbeeld de geweldige
bloeipluimen van het pampasgras.
Een sierlijk, hoog gras in de voortuin is een aangenaam
welkom. Siergrassen maken van de border een juweel en ze vormen
een sublieme combinatie met laatbloeiende vaste planten. Zet ze
niet te dicht bij een pad, maar wel zo dat u ze net kunt aanraken.
Zorg dat ze andere planten niet overschaduwen, geef ze voldoende
ruimte om zich volledig te ontplooien. Ontdek de rijke variatie in
bladvormen, kleuren, bloeiwijzen en toepassingsmogelijkheden.

Struisriet - Calamagrostis

Trilgras - Briza |
|
Prachtige soorten
Hoge bamboes als Fargesia murieliae (die niet
woekert) en de roze of zilverwit bloeiende pampagrassen (Cortaderia)
kent iedereen. Maar er zijn vele tientallen kleinere soorten die
in de tuin absoluut een plek waard zijn. Solitairen als
Miscanthus sinensis ‘Zebrinus’ met geel dwarsgestreept blad
en tot 175 cm hoge bloeipluimen. Het hoge struisriet (Calamagrostis).
Het lampepoetsergras (Pennisetum alopecurioides). De
fijne pluimen van Stipa gigantea (vedergras). De
prachtige Panicum-variëteiten met hun ragfijne aren (tot
150 cm). Maar er zijn er ook die een dicht tapijt vormen:
kanariegras (Phalaris) tot 80 cm hoog roze, later
roomwitte bladeren, het grijsgroene fakkelgras (Koeleria
glauca), de witbol (Holcus mollis ‘Albovariegatus’)
met witbont blad. En als het om kleur gaat: Japans bloedgras (Imperata
cylindrica ‘Red Baron’) met warmrood blad (’s winters
afdekken). Sierlijk en klein zijn trilgras (Briza),
muskietengras (Bouteloua) en plataargras (Chasmanthium
met zeegroen blad). En dan is de grote groep zeggen (Carex-soorten)
nog niet eens genoemd: geen echte grassen, maar ze lijken er wel
op. Luzula (veldbies) is wintergroen en oersterk, evenals
Deschampsia (smele) die in de vorm ‘Goldschleier’ zijn
supervorm heeft gevonden. Denk ook aan bodembedekkers als
Festuca en de 30 cm hoge bamboe Sasa veitchii ‘Nana’.
Iets anders als verrassing
Zet eens planten met grasachtig blad tussen echte
grassen. Dat kunnen bijv. irissen zijn, de prachtige Iris
pallida ‘Variegata’ met zijn waaiers bont blad of Iris
pseudacorus ‘Variegata’ met witbont blad. Schizostylis
coccinea ‘Major’ vormt in november paarsrode sterbloemen.
Denk ook aan Dierama pendulum met hangende klokjes (lilaroze).
Schitterende combinaties!
Zorgen voor grassen
Er zijn zoveel soorten en vormen dat één algemene
aanwijzing ondoenlijk is. Van oersterke bodembedekkers tot
subtropische reuzen die ’s winters wat bescherming in de vorm van
een rietmat wel waarderen. En van bos- en moerasbewoners tot
droogtekampioenen op door de zon geblakerde plekken. Grassen
hebben alles in huis voor iedere omstandigheid. En ze vragen maar
weinig. Vooral een goede organische basisbemesting in het voorjaar
is belangrijk. Schoon de planten pas in het voorjaar op, want de
wuivende, verbruinde bossen bladeren en bloeistengels zijn ’s
winters sierraden in de tuin. Geef tijdens hevige droogte water.
Knip dode stengels uit bamboe om de planten lucht te geven. Maar
vooral: geniet ervan!
|