|
De
schuimcicade
Philaenus spumarius (Cercopidae);
ook schuimbeestje, koekoeksspog of schuimbeestje genoemd, kennen
we allemaal wel van de slijmerige schuimhoopjes die we soms aan de
planten zien kleven.
In het schuim zit er telkens een 5 tot 7 mm grote onvolwassen
schuimcicade. Deze nimf zuigt zoals een bladluis het plantensap
uit de stengel of de bladeren. Hierdoor zullen de aangetaste
bladeren vervormen en stengels kunnen krom trekken.
Het grote
verschil met bladluizen is dat de schuimbeestjes niet in grote
kolonies uw tuinplanten zitten leeg te zuigen. Ze zijn er meestal
in kleinere hoeveelheden waardoor de schade veel kleiner tot
verwaarloosbaar is. Op wilgen zitten ze dan weer zeer graag. In
een grote boom kunnen er dan ook heel veel zitten. Als je onder
zo'n boom doorloopt zou je bijna denken dat het zachtjes aan het
motregenen is.
De schuimbeestjes verschijnen in mei en treffen we ook nog aan in
de vroege zomer. Ze vormen het schuim
door lucht uit te ademen in
vocht dat via de anus wordt uitgescheiden. Dit koekoeksspog maken
ze om hun tere huid te
beschermen tegen uitdroging van de zon alsook tegen mogelijke belagers
zoals spinnen, vogels en wespen. De
nimfen (larven) blijven gedurende ongeveer vijf vervellingen in het schuim
tot het volwassen insecten met vleugels geworden zijn. Dit proces
neemt 30 tot 100 dagen in beslag en is afhankelijk van de
temperatuur.
De volwassen schuimcicaden hebben vleugels met een variabel
vlekkenpatroon. Ze komen veel voor op niet al te droge plaatsen op
kruiden en houtachtige gewassen.
Het volwassen diertje is een klein springertje van 7 mm dat
plotseling van een plant wegspringt als het opgeschrikt wordt. Het
kan 70 cm ver springen wat ruim
honderd maal hun eigen lengte
is. De springkracht is in verhouding tot de lichaamslengte groter
dan van een vlo. De
kracht die ze ontwikkelen om zo ver te springen is ruim 400 keer
hun lichaamsgewicht, bij vlooien
is dat 135 maal, bij sprinkhanen 8 en bij de mens hooguit 3 maal.
Schuimbeestjes bestrijden gaat vrij gemakkelijk door ze met een
krachtige waterstraal van de planten af te spuiten of door ze met
de hand uit het spuug te halen.
Benamingen:
Nederlands:
Schuimcicade
(schuimbeestje, spuugbeestje, koekoeksspog)
Latijn: Cercopidae (Philaenus spumarius)
Engels: Froghoppers (cuckoo
spit, spittle bugs)
Duits: Schaumzikaden (Kuckucksspeichel)
Frans: Cercope des prés
|
|