|
De
pruikenboom is een prachtige heester of kleine boom. Zijn
decoratieve waarde dankt hij aan de bloem- en vruchtpluimen die
samen
een soort rookwolk of
pruik vormen.
Herkomst
Inheems is de pruikenboom in een gebied
dat loopt van het zuidoosten van Frankrijk door Turkije en
Oekraïne tot naar de Himalaya en China. Hij groeit daar meestal op
kalkrijke hellingen en tussen rotsen. Hij werd door de botanicus
Clusius naar Europa gebracht is sinds 1594 in cultuur.
Naamgeving
Cotinus is
afgeleid van het Griekse woord cotonos en betekent wilde
olijfboom.
Coggygria is de Griekse naam
voor deze plant.
Plantkenmerken
De pruikenboom is
een bladverliezende, langzaam groeiende struik of kleine boom die
5 m hoog en 4 m breed kan worden. De bladeren zijn ovaal,
blauwgroen, purperkleurig of goudgeel (Cotinus ‘ Golden Spirit’).
De pruikenboom heeft prachtig verkleurend blad in het najaar. De
groene soort verkleurt naar goudgeel, de rode naar oranjebruin.
Hij bloeit in juni
en juli met lange, geveerde, steriele stelen. De bloeiwijze heeft
de vorm van een fijnharige pruik. De bloemen
zijn
heel
klein, groenkleurig op violette stelen. De kleine vruchten zijn
omgeven door harige slierten.
Standplaats
De pruikenboom
houdt van een kalkrijke, warme, zonnige en beschermde plek in de
tuin en staat het liefst solitair, b.v. voor een muur van
natuursteen of in het midden van het gazon. Vooral de soorten met
bont blad vragen om een plek in de zon om hun kleur tot volle
ontwikkeling te laten komen. Het is aan te bevelen om vers
geplante struiken tijdens de winter met blad tegen vorst te
beschermen.
Ziekten en
ongedierte
De pruikenboom
heeft zelden last van ziekten en bijna nooit van luizen.
Snoeien
Tijdens het snoeien
zal het je opvallen dat de pruikenboom niet aangenaam ruikt. In
het hout bevindt zich een gele kleurstof die vroeger voor het
verven van kleren gebruikt werd. Het is aan te bevelen om tijdens
het snoeien handschoenen te dragen. De beste tijd om te snoeien is
het voorjaar voordat de groei begint (maart). Snoeien beïnvloedt
de grootte van het blad (groter), maar remt de bloei. Dus als je
veel bloemen wilt hebben, kun je beter niet snoeien.
Oude en dode takken
moeten altijd weggehaald worden.
Soorten
‘Follis
Purpureis’ heeft donkerpurper blad met enkele groene
bladeren er tussen. De bloempluimen zijn purperrood.
Het licht
purperrode blad van ‘Red Beauty’
verkleurd later in het jaar naar donkerrood.
Mooi is de
roodpaarse herfstkleur van ‘Velvet Cloak’
.
‘Golden
Spirit’ heeft tijdens de zomer goudgeel blad en kleurt in
het najaar oranje en rood.
‘Royal
Purple’ heeft zwartrode bladeren.
Cotinus coggygria
(botanische naam)
Smoke tree (Engels)
Arbre à perruque
(Frans)
Perrückenstrauch
(Duits)
Anacardiaceae -
pruikenboomfamilie |