Als het lente wordt kriebelt het bij mij. De energie stroomt
door mijn aders en ik zie het weer helemaal zitten. Ik wil je graag
even laten meegenieten van mijn klein hoefblad wandeling.
“Het is stil om mij heen. De muis is foetsie. Waar ze zat, merk ik
plots een gele bloem. Niet te geloven, daar staat al een exemplaar van
het klein hoefblad. Nog eentje dat bij het lentegezelschap komt
aansluiten. Klein- hoefbladbloemen moet ik zeker verzamelen om
hoestthee van te kunnen maken.
‘Tussilago farfara’, heet het kruidje in ’t Latijn.Tussilago heeft een
taalkundige relatie met ons ‘hoesten’. De Romeinen wisten dus ook al
dat het kruid goed was tegen keelgebulder. Moderne wetenschapslui
hebben slijm en bitterstoffen in het kruid ontdekt en beamen de kennis
van de Romeinen.
Klein-hoefbladthee zorgt ervoor dat de hoest minder prikkelt. Deze
thee lost ook slijmen op. Maar te veel klein hoefblad is niet zo
gezond. Daarom neem ik altijd een samengestelde kruidenthee voor
hoesterige huisgenoten. Ik maak een mengeling van brandnetel, smalle
weegbree en klein hoefblad. Door te veel klein hoefblad naar binnen te
smikkelen zou je volgens sommige geleerden kanker kunnen krijgen.
Het laatste woord is daarover nog niet gezegd. Zolang je niet
overdrijft en niet meer dan drie koppen per dag drinkt, is alles kits
achter de klein-hoefbladrits.
Voor mijn grootschalige klein-hoefbladbladerenpluk zal ik nog wat
moeten wachten. Die bladeren komen namelijk pas na de bloesemtijd
genieten van het lenteleven. Ik droog die bladeren en gebruik ze voor
thee.
Als mijn grootvader op zijn dooie gemakje bezig was in zijn tuin,
rookte hij altijd een pijp. De tabak mengde hij met fijngesneden,
gedroogde klein-hoefbladbladeren. ‘Dat geneest mijn astma,’ lachte hij
dan. Ik geloofde hem op zijn woord. Het was ook zo’n lieve man ! Nu
denk ik dat astmalijders wel baat kunnen vinden bij dit kruid, maar of
al dat pijpgerook goed was ? Daar geloof ik niks van.
Uit “Daniëlle’s kruidenomnibus” De natuur ritselt haar geheimen.
Uitgegeven bij Lannoo. De nieuwe herdruk ligt nu in de boekhandel.
Klein hoefblad in de keuken
Ik geniet vooral van klein hoefbladjam en siroop. Ik wil je heel graag
mee laten genieten.
Jam
Wat een naam ! Misschien even verklappen dat deze ronkende naam voor
de februarigelei niets anders is dan de officiële naam van het klein
hoefblad.
Eind februari staan de klein-hoefbladbloemen fier, geel en sober de
wereld in te kijken. Pluk de gele bloemen en maak er een lekkere jam
van.
Ingrediënten en bereidingswijze
2 handkommen (handen tegen elkaar) vol bloemen, wat suiker, 1,5 liter
water, 2 citroenen en 2 sinaasappels.
Doe de bloemen in een kookpot. Zet ze net onder water. Doe er de
oppervlakkig geschilde, in schijfjes gesneden sinaasappels en
citroenen bij.
Laat 10 minuten op een heel zacht vuurtje staan. Neem van het vuur en
laat een nacht trekken. Zeef de bloemen en druk het vocht goed uit in
een neteldoek. Werk het vocht verder af, zoals je gewoonlijk jam
maakt: met ‘minuutsuiker’, ‘pec’ of gewone suiker.
Tip
Als je 1 liter vocht met 1/2 kilo suiker zachtjes aan de kook brengt
en dat kokendhete brijtje in omgespoelde glazen potten doet, dan heb
je een lekkere siroop. Doe de potjes boordevol, zet het schroefdeksel
erop en zet ze op hun kop weg.
Doe de siroop op pannekoeken, in yoghurt, op ijs of op fruitsla. Mmm...
Waar gedijt klein hoefblad het best?
Als je klein hoefblad in je tuin wil, zorg dan dat het niet woekert.
Dat voorkom je door de wortelstokken in de lente op te graven en enkel
de gewenste hoeveelheid planten te laten groeien.
Klein hoefblad houdt van volle zon of lichte schaduw. De plant groeit
op arme grond of zware klei, maakt niet uit. Als het er maar vochtig
is. Tot –20°C mag het vriezen, klein hoefblad blijft zijn mannetje
staan. Het groeit meestal tot het 30 cm groot is. Het kan 45 cm breed
worden.
En bovendien is jam van kleinhoefbladbloemen onwaarschijnlijk lekker.