De hulst met zijn mooie
rode bessen zorgt buiten voor de nodige kerstsfeer, binnen is deze
eigenschap weggelegd voor de prachtige kerstster. Het bijzondere
aan deze kamerplant zit hem in de felgekleurde schutbladeren. De
eigenlijke bloempjes aan het einde van de stengel zijn licht
geel-groen, en daardoor vallen ze eigenlijk niet op. Het zijn de
schutbladeren die van de kerstster een echt kerstsymbool
hebben gemaakt.
Vroeger was er
alleen de rode kerstster. Nu zijn ze er in allerlei tinten
rood, roze, wit, crème,... en in tal van vormen. Zo hebben we
de mini-kerststerretjes, de medium en de large formaten, maar er zijn
ook kerststerren op stam en zelfs hangende exemplaren.
Indien we de planten goed verzorgen dan kunnen ze gemakkelijk 2
tot zelfs 6 maanden hun gekleurde schutbladeren behouden.
VERZORGINGSTIPS:
Temperatuur:
-
Matig warm; niet
beneden de 12 °C en niet boven de 20 °C. 15 tot 18°C is de ideale
temperatuur.
-
Voorkom grote
temperatuurschommelingen.
-
De plant verliest
zijn bladeren plotseling zonder dat ze eerst verwelken. Dit zou
erop kunnen wijzen dat de temperatuur te laag is, of dat de
plant is blootgesteld aan koude of warme tocht.
Licht:
Water:
-
Giet royaal met lauw
water en daarna wachten met gieten tot de potgrond bovenaan droog aanvoelt.
-
De kerstster
verdraagt geen natte voeten --> het overtollige water uit het
onderschoteltje afgieten.
-
Indien de plant
meerdere dagen na elkaar een doornatte potkluit heeft dan zal
het blad verwelken en vroegtijdig afvallen.
Luchtvochtigheid:
-
Benevel de plant zo
nu en dan. Als de lucht te droog wordt, kan bladval optreden.
-
Te droge lucht in een
warme ruimte kan de bladranden geel of bruin doen verkleuren.
Voedsel:
ANDERE TIPS:
-
Omdat de plant kou
slecht verdraagt, kunt je hem het beste goed verpakt vervoeren
en hem thuis pas uitpakken.
-
Zet de plant niet te
dicht in de buurt van een deuropening. Tocht is nefast.
-
Zet de kerstster ook
niet te dicht in de nabijheid van een radiator of kachel. De
plant verdraagt de te warme en droge lucht niet.
| Soms wordt de
kerstster of `Euphorbia
pulcherrima' al eens verward met de kerstroos. Maar
de twee planten hebben weinig of niets met mekaar gemeen. De
kerstroos is in de eerste plaats een vaste plant voor buiten, die rond deze
periode van het jaar bloemen draagt. De kerstster daarentegen is
een echte warmteminnende kamerplant.
Kerststerren werden voor het
eerst gecultiveerd door de Azteken. De plant werd toen 'Cuetlaxochitl'
genoemd en gewaardeerd door hen als symbool van zuiverheid.
Azteken maakten ook karmozijnrode kleurstof van de kleurrijke
bladeren. Van het melksap maakten ze een geneesmiddel tegen de
koorts .
Zorg ervoor dat het giftige, witte melksap niet in aanraking
komt met de mond of met de ogen.
Aan de hand van het melksap kan u het misschien al raden: de
kerstster behoort tot de familie van de `Euphorbiaceae',
de wolfsmelkgewassen. Voluit heet de plant 'Euphorbia
Pulcherrima'. Die naam zou vernoemd zijn naar de
Griek Euphorbus, de geneesheer van koning Juba van Mauretanië uit de eerste eeuw van onze
jaartelling.
De kerstster wordt ook soms Poinsettia genoemd. Rond 1800, leefde een botanicus, ene Joel Robert Poinsette
(1779-1851). De plantkundige was ook nog diplomaat, en werd
als eerste ambassadeur van de Verenigde Staten naar Mexico
gestuurd. In 1825 verzond hij de eerste tropische kerstster
naar Greenville, Zuid Carolina. Daar werd de plant
vermeerderd, gekweekt en verkocht onder de naam van de
ontdekker: "Pointsettia".
Ondertussen worden er ieder jaar weer nieuwe variëteiten
opgekweekt. |

Kerstroos of Helleborus |
|

Kerstster of Euphorbia pulcherimma |
|
|