|
tuinieren in JANUARI
Een stille, rustige tuinmaand.
Het is een maand om eens te genieten van uw tuin. Genieten van
allerlei planten die wintergroen zijn, bessen dragen of zelfs nog
bloeien, zoals de winterbloeiende Prunus subhirtella 'Autumnalis',
Jasminium nudiflorum (winterjasmijn), Hamamelis (toverhazelaar),
Viburnum tinus,
Chimonanthus
praecox, Viburnum x bodnantese 'Dawn' en de Helleborus (kerstroos). De
viooltjes en winterheide (Erica's) geven prachtig kleur aan je
tuin of in de winterbakken op je balkon.
De gele winterakonietjes zijn de eerste bolgewasjes die hun
bloemen in de tuin zullen laten verschijnen.
- Bij goed vorstvrij weer is het ideaal om fruit en andere
bladverliezende struiken en bomen aan te planten. Uiteraard ook niet
planten als de grond nog bevroren is.
- Doe niets met planten als het vriest.
- Als het niet vriest kan men fruitbomen snoeien.
- Dode en zieke takken van struiken en bomen kunnen nu verwijderd
worden.
-
Druiven
snoeien mag deze maand nog gebeuren.
- Het is het ideale moment om nog winterstekken te nemen van
Forsythia, sering, Deutzia, Salix, Ribes,...
- Als het gazon bevroren is, kun je
het beter niet begaan. Het geeft allemaal schade die pas tijdens het
komende groeiseizoen verschijnt.
- Geraniums (Pelargonium) kunnen nu gestekt worden. Neem stekjes
van ca. 5 cm en zet ze in aparte potjes met stekgrond. Zorg dat ze
niet uitdrogen.
-
Het is nu de ideale periode om rustig
allerlei zaadcatalogi door te kijken en een lijstje te maken van
allerlei soorten die je
wilt kopen om over enkele maanden te
zaaien.
-
Als je een groentetuin hebt, kun je
nu ook mooi de indeling voor het komende groeiseizoen uitdokteren.
-
Mocht je grootse plannen voor de tuin
hebben, dan kun je deze wijzigingen nu op je gemak op papier
uitwerken.
- Kijk de opgeslagen kuipplanten regelmatig na. Vooral de
bladhoudende soorten mogen niet uitdrogen. Geef geregeld een weinig
water en zorg voor voldoende bescherming tegen de vorst.
- Lucht de kuipplanten in de winterberging regelmatig, door bij
vorstvrij weer het raam open te zetten.
- Controleer de vorstgevoelige bollen, knollen in de winterberging
regelmatig op ziekten. Haal aangetaste en beschimmelde of rottende
bollen weg.
- Hyacinten, krokusjes, narcissen en tulpen kunt u in bloei
trekken door ze op te potten en koel weg te zetten. Zet ze pas
warmer als de bloemknoppen zichtbaar zijn.
.jpg)
- Controleer de kiemkracht van uw resterende zaden. Doe wat zaad
op een vochtig doekje, doe er een plastiek over (serre nabootsen) en
plaats dit op de vensterbank. Als de helft van de zaden kiemen, is
het zaad nog bruikbaar.
- Besproei kamerplanten ook in de winter regelmatig met de
plantenspuit. Planten met grote bladeren kan u met een vochtige doek
afnemen.
- Winterbloeiende kamerplanten op een lichte, koele plek uit het
directe zonlicht plaatsen.
- Zet de composthoop nog een keer om zodat deze in het voorjaar
goed verteerd is.
-
Reinigen grasmaaier en andere machines.
TIPS:
-
Takken van sierheesters
binnenskamers in bloei trekken.
Het is erg leuk om enkele takken af te snijden van bomen en heesters die
al heel vroeg in het jaar bloeien. Een van de beste voorbeelden is
de Forsythia of het Chinees klokje. Als je daar nu
takken van knipt, zijn de bloemknoppen al zo voldoende ver ontwikkeld.
Plaats ze
in de kamer op een vaas met water en al snel zullen ze bloeien. Om
de takken nog langer vers te houden zet je ze best in lauw water en
snoei je ze even schuin bij voor je ze in de vaas zet.
-
Geen zout maar zand:
De paden en het terras kan door de vorst gevaarlijk glad zijn. Om
de paden begaanbaar te laten blijven haalt men al snel het strooizout
boven. Strooizout is slecht voor planten. Als je dat strooit op je
terras of pad, komt het al snel tussen de bomen,
struiken en in de border terecht. De planten in de border kunnen dan last van
het hoge zoutgehalte krijgen. Pas als de planten gaan groeien, wordt het
zichtbaar. De groei blijft achter en groen blad wordt geel. Je
kunt dan ook veel beter strooizand (gewoon scherp zand of
metselzand) gebruiken. Dat werkt net zo goed als zout en het is
niet schadelijk voor de planten.
-
Vogels voeren / bessenstruiken
planten.
In een winter met strenge vorst en sneeuw weten de vogels uw hulp
zeker te waarderen.
Maak voederplankjes op plaatsen waar de vogels er gemakkelijk bij kunnen en
zich veilig voelen. Volgende voeders zijn ideaal: zadenmengsels,
vetbolletjes, fruit, noten,... Koop
vetbollen met zaden en hang die op of leg die neer op plaatsen
waar katten niet gemakkelijk bij kunnen.
Let er wel op dat je de vogels niet afhankelijk maakt van de door u
gegeven voeders. Dit kan men voorkomen door niet te vroeg te starten
met het bijvoederen (vanaf november) en er ook niet te lang mee door
te gaan (tot
februari).
Het kan niet de bedoeling zijn dat ze er later nog hun jongen mee
voeren. Ideaal is het om enkele sierheesters in de tuin aan te planten
met lekkere winterbessen.
Besdragende bomen en struiken zijn tegelijkertijd mooi om naar te
kijken.
Nog enkele tips voor de mensen die graag een schaaltje vers water
geven aan de tuingasten.
- Bij sneeuw is het niet nodig voor water te zorgen. De
vogels komen dan aan vocht door
van de sneeuw te pikken.
- Als water in vijvers en sloten bevroren is, volstaat
fijngeslagen ijs.
- Zorg dat de waterschaal altijd is afgedekt (bijvoorbeeld met
gaas) dan kunnen de vogels er niet in baden. (bevriezingsgevaar).
|