De groentetuin in april.

 

Zo, onze grond ligt zaai- en plantklaar, voor enkele klassieke aprilgroenten. We nemen er ons teeltplan bij met het oog op teeltafwisseling, plantajuintjeswachten goede weersverwachtingen af en vliegen er met veel enthousiasme in.

Zitten de plantuitjes en sjalotten nog niet in de grond? Ze zullen dankzij de betere weersomstandigheden de verloren tijd ten opzichte van de buren deels inlopen. Met 30 cm tussen de rijen volstaat het om ze 10 cm (plantui) en 20 cm (sjalot) onderling van elkaar te planten. Maar doe het dan wel liefst begin april.

Hetzelfde geldt voor de aardappelen: de vroege mochten eind maart in de grond, de middelvroege of late vanaf de tweede week van april en het late eind april. Planten op 40 cm van elkaar en 60 cm tussen de rijen is realistisch.

Nog zo’n vroege vogels: erwten en spinazie. Met een zaaidichtheid van 35 zaden per lopende meter en 50 cm tussen de rijen is het bij erwten nagenoeg enkel oppassen voor vogel- en slakkenvraat.
Lentespinazie scoort vaker beter dan zomer- en winterspinazie. Wied tijdig tussen de rijen van 40 cm.

Groene broccoli, bloemkolen en witte kolen kweken we op in perskluit of pot, zodat ze minder onderhevig zijn aan knolvoet en een vlotte doorgroei kennen. We houden de duiven op zijn minst in de gaten en de koolvlieg op afstand met koolkragen.

Vanaf april zijn er ook zaaimogelijkheden voor rode, savooi - en spruitkool. En waarom niet een keer koolraap, koolrabi of raapkool, krul -, boeren - of groene bladerkool en spitskool geprobeerd?

Het is ook tijd om onze tomaten-, paprika- of peperplantjes te verspenen. Aperitieftomaatjes zullen in de zomer zeker even welkom zijn in de keuken als vlees - of trostomaten

Een relatief vroege, mooie lente leent zich in de derde aprilweek tot het zaaien van schorseneer en zomerwortelen. Zaai elk met een afstand van 25 cm tussen de rijen en dun na opkomst uit.
Bij schorseneren speelt ervaring een rol om niet te vroeg of te laat te zaaien.
Bij wortelen komt het erop aan niet te dik zaaien om het werken tussen de wortelen te beperken. De door de planten afgegeven typische geur lokt immers de wortelvlieg

Zaaien is en blijft de aprilboodschap: bewaaruien, zilveruitjes en eventueel al witloof. We behouden de tussenruimte van 25 cm en gaan ook bij deze groenten in een later stadium uitdunnen.

Sla is het ideale voorbeeld om het hele jaar door de juiste zaaivragen te stellen en de correcte zaaistappen te zetten. Zaaien onder glas of in de volle grond? Waar en wanneer wordt gezaaid? Wat is de vochtigheidsgraad, kiemtemperatuur en zaaidiepte? Verspenen we, dunnen we uit en harden we af? Zaaien we op rijen en werken we met markeerzaad? Misschien nog iets over dat laatste.

Het zaaien op rijen heeft zijn nut in de praktijk duidelijk bewezen. In het verleden adviseerden de deskundigen ons nog wel om zaad breedwerpig te zaaien. Chaos is dan meestal het gevolg. Het is immers moeilijk om de kiemplantjes van onkruid en die van groente van elkaar te onderscheiden. Trouwens, de gehele bewerking van de groentetuin gaat stukken makkelijker als alles op rijen gezaaid en geplant is. Toch kan het bij aanvang erg moeilijk zijn om te onthouden waar we precies gezaaid hebben. Pas daarom een truc toe. Meng wat radijs of tuinkerszaad door het bijvoorbeeld het wortelzaad. Radijs en tuinkers komen zo op en de rij wordt zichtbaar en is gemarkeerd.

Maatregelen tegen de kou.

Zaaien en planten is één, overleven is twee. Heel veel mensen beginnen al vroeg met voorzaaien, bijvoorbeeld voor het raam in de kamer, maar zijn in een latere fase teleurgesteld. Nadat de plantjes boven gekomen zijn, sterven ze net boven de grond af. Boosdoeners zijn kiemschimmels. Strooi voor het zaaien een dun laagje van 1 mm metsel- of ander schoon zand over de potgrond. Doe hetzelfde na het zaaien boven het gezaaide. Het zaad kiemt dan tussen het zand. Op die manier zullen we weinig last hebben van kiemschimmels.

Het kiemen is meestal geen probleem, maar zodra de plantjes boven staan, hebben ze een gebrek aan licht. Het gevolg is dat ze, mede door de hoge temperatuur, heel snel groeien. Het worden dan slappelingen die snel beschadigen en waarschijnlijk het loodje leggen als we ze buiten zetten. Het is beter direct na het kiemen van de zaden de bakken onder plat glas of in een kas te plaatsen. Houd de temperatuur goed in de gaten en plaats eventueel alles in een verwarmde ruimte voor de nacht. Het is ook belangrijk om na de opkomst de planten zo spoedig mogelijk in kluitjes of potjes te planten. Vooral bij tomatenplanten is het goed om ze dieper te planten dan ze gestaan hebben. Er komen dan meer wortels aan de plant, waardoor ze beter groeien.

Dezelfde tomaten bijvoorbeeld kunnen helemaal verwaaien als ze te hoog en te slap zijn. Het is een goede zaak om, als de weersomstandigheden gunstig zijn, de planten overdag al snel buiten te zetten. We noemen dat afharden. Op die manier krijgen we korte stevige planten. Zeker bij de teelt van tomaten, komkommers, augurken en courgettes zijn de stappen van voorkiemen naar tunnel of platglasbak heel belangrijk. Hoe eerder ze vruchten geven, hoe groter de oogst. Vanaf begin augustus is de kans op schimmelziektes vrij groot en is het meestal met de oogst gauw gebeurd.

April kan heel mooi zijn, maar de weersomstandigheden en de bodemgesteldheid kunnen ook lelijk tegenvallen. Om een goed resultaat te krijgen moet er zorgvuldig gehandeld worden. De grond mag niet te nat zijn. Dat geldt zeker voor kleigrond.

De bodemtemperatuur moet ruimschoots boven nul zijn. De bovenste vijf centimeter maken we goed los en harken we voor het zaaien of planten vlak. Op zwaardere gronden is het na een natte winter nodig om minstens de grond met een riek te lichten, dat wil zeggen de grond tot 25 cm diep opwippen. Wortelen, plastiek tunnelserreschorseneren en pastinaak vallen anders wellicht in verkeerde aarde. Snel zonnewarmte opslorpen is steeds het einddoel.

Dreigt het toch te koud te zijn, dan beschermen we wortelen, bieten en spinazie met een acryl- of vliesdoek.
Om de koolplanten zetten we emmers zonder bodem. Of we plaatsen er drie stokken rond en trekken daar plastic zakken zonder bodem overheen. We zien dit begin mei in bepaalde tuinen ook rond de buitentomaten. En voor raapstelen, andijvie, sla, radijs, spinazie, snij - en rode biet, wortelen, bloem - en spitskool en stengelui al gedacht aan een plastictunnel? Kou of geen kou, geduld is altijd een schone deugd geweest. Maar ja, wat baten kaars en bril, als de tuinier niet horen wil of…als april niet mee wil?

Veel succes en...wie goed zaait, zal veel oogsten.

Bekijk nog veel meer info over groenten

Auteur: Andre Rombaut
webmaster: biologisch tuinieren

Dit artikel is copyright © www.tuinadvies.be

Terug naar de
homepagina