|
In
dit tweede deel komen de minder bekende heesters aan bod. Het is
niet mijn bedoeling om alle mogelijke geurende struiken te
vernoemen, maar alleen deze die bij enkele gespecialiseerde
kwekers in België en Nederland verkrijgbaar zijn.
Eerlijkheidshalve moet ik erbij zeggen dat ik ook niet alle van de
nu voorgestelde heesters persoonlijk gezien heb.
Corokia
buddleioïdes is een grote heester of kleine boom uit Nieuw Zeeland
en lijkt goed op de vlinderstruik / Buddleia (vandaar zijn
naam). Hij verliest zijn mooie grijsgroene blad in de herfst. De
zuiver gele bloemen ontluiken in mei. Hij houdt van droge grond en
staat liefst een beetje beschut tegen de koude oostenwind. In de
zomer is de struik nog eens mooi door de rood - zwarte bessen die
in trosjes aan het uiteinde van de takken hangen.
Decumaria
barbara: een zelfhechtende klimplant afkomstig uit het zuidoosten
van de Verenigde Staten. De donkergroene lederachtige bladeren
blijven ook in de winter aan de struik. Een familielid van de
hortensia en houdt dus ook van wat schaduw en vochthoudende grond.
De roomwitte bloemetjes verschijnen eind mei en ruiken naar
honing. Vlinders zijn er enorm door aangetrokken. De struik kan
tot 8 m hoog worden. Hij bloeit alleen als hij kan klimmen, dus
als hij tegen een muur geplant wordt is alles in orde.

Jamesia americana is familie van de boerenjasmijn (Philadelphus)
en heeft bloemen die lijken op deze van de oranjebloesem. De
bloemen hebben een vluchtige zoete geur. Deze struik komt uit de
bergstreken van West-Amerika en is bijgevolg goed winterhard. Hij
staat best in goed doorlatende leemgrond. Het gerimpelde blad
verkleurt geel en roze in de herfst.
Osmaronia
cerasiformis (nog zo’n naam!) bloeit in april met hangende
bloemtrossen die ruiken als rozen. De struik wordt maximum 4 m
hoog en breed. Er zijn mannelijke en vrouwelijke planten en deze
laatste zijn de mooiste. De glanzende bladeren verkleuren mooi in
de herfst. Een beschutte standplaats verdient aanbeveling want de
heester is niet volledig winterhard.
Paulownia
tomentosa of de tempelboom wil ik niet achterwege laten,
niettegenstaande deze snelgroeiende boom beschouwd wordt als een
onkruid. Inderdaad de miljoenen zaden verspreiden zich in alle
richtingen en kiemen op om het even welke plaats. Maar toch zijn
er grote voorstanders van deze boom, waaronder de voormalige
keizers van China. In april komen de prachtige lichtblauwe,
klokvormige bloemen aan de nog bijna kale takken en ze geuren
heerlijk. Ook het hout van de Paulownia is zeer gegeerd en wordt
gebruikt in de meubelindustrie. De bladeren kunnen soms tot 1 m
lang worden en de boom groeit ongeveer 2 m per seizoen. Maar hij
mag ook sterk gesnoeid worden om hem in toom te houden.
Petteria ramentacea komt uit Montenegro (voormalig Joegoslavië) en
is goed winterhard. Hij is verwant aan de brem en bloeit ook met
gele vlinderbloemen. Ook de bladeren zijn zoals deze van de brem.
De zaden zijn giftig.

Prinsepia sinensis is een bladverliezende kleine struik (max. 2 m)
met een mooie ronde vorm en glanzend groene bladeren. Hij bloeit
in april met lichtgele bloemen. De bloemen worden gevormd op oud
hout. P uniflora geurt meer. Deze struik is afkomstig van China.
Zeer winterhard. Verkiest een eerder droge grond. Na een warme
zomer rijpen de bessen die op kersen lijken en eetbaar zijn.
Pterostyrax
hispida kan 5 à 7 m hoog worden en de bladeren tot 15 cm lang. De
roomwitte, lange bloemtrossen komen in mei aan het uiteinde van de
takken en geuren naar kamperfoelie. Hij is zeer winterhard en
groeit niet vlug. Gedijt in iedere grondsoort en verdraagt ook
luchtvervuiling. Is afkomstig van China en Japan. P. corymbosa
lijkt er goed op en is eveneens geurend. Deze heester verdient
beter gekend te zijn en zou in de stadsparken of ook in de tuin
een mooie blikvanger zijn.
|