|
De
meeste heesters bloeien in het voorjaar of de vroege zomer. De
keuze is evenwel beperkt als de zomer op zijn einde loopt. Ook de
vaste planten zijn over hun hoogtepunt tegen eind augustus. Wil je
in september nog wat kleur in de border dan is de Clerodendron een
geschikte keuze.
Clerodendron is een telg uit de familie van de Verbenaceae en
alhoewel er ongeveer 300 verschillende soorten Clerodendron
bestaan, kunnen er maar twee onze winters overleven in volle
grond.
- Clerodendron trichotomum is de meest winterharde. Toch zullen de
takken ieder jaar invriezen. In het voorjaar een flinke
snoeibeurt geven is dus de boodschap. De bloei heeft daardoor
niet te lijden want de struik bloeit op de takken die hetzelfde
jaar gevormd werden. Deze heester bloeit vanaf eind augustus met
vele witte bloempjes met roze schutbladeren. De bloemen geuren
lichtjes en worden graag bezocht door bijen en vlinders.

Na de bloei worden blauwe bessen gevormd waarrond de
rode schutblaadjes blijven zitten. Zeer decoratief in een
herfstbloemstuk. De variëtiet fargesi heeft iets grotere
bloemen.

- Clerodendron bungei is een matig winterharde heester,
maar in mijn tuin houdt ze het nu toch al 5 jaar vol zonder winterbesherming.
Deze struik gedraagt zich in ons klimaat eerder als een vaste
plant dan als een heester. Ieder jaar vriezen de takken af tot
tegen de grond, maar in de lente worden nieuwe uitlopers gevormd,
die in het zelfde jaar uitgroeien tot 1,5
meter hoog en in augustus en september bloeien met heerlijk
geurende paarsrode bloemen die samen grote (tot 20 cm diameter)
bloemschermen vormen. Het grote, donkergroene blad is ook zeer
decoratief. Het gekneusde blad ruikt onaangenaam. Clerodendron
bungei is een woekeraar. Hij vormt ondergrondse uitlopers die op
enkele meter van de plant weer boven de grond komen. Deze kunnen
wel gemakkelijk verwijderd worden.

Plant Clerodendron bij voorkeur op een beschutte plaats waar
voldoende zon schijnt. Op zware klei het plantgat voldoende ruim
maken en compost en zand mengen met de uitgegraven grond. Waar het
flink kan vriezen, de voet van de struik afdekken met bladeren of
compost om de wortels te beschutten.
Bij warm weer flink begieten,
want vooral bij C. bungei gaat de bladeren snel slap worden en
afvallen.
Ziekten komen weinig voor en insectenplagen evenmin.
Kortom: een struik met weinig problemen en veel voldoening.
|