Behoort tot de familie der samengesteldbloemigen of composieten (Asteraceae).
Oorsprong: waarschijnlijk vanuit Perzië - Turkije.
De natuurlijke habitat van kardoen bevindt zich vooral aan de Middellandse
zee
en is daar dan alom gekend als bladgroente, niet te verwarren met de
Artisjok!
De Artisjok daarentegen is een gemuteerde soort
die omstreeks de jaren 1500 tot stand kwam.
De plant profileert zich bij ons meer in de siertuin, daar de teelt ervan
met enorme
bladontwikkeling gepaard gaat.
---> Kan makkelijk gebruikt worden als beschutting voor andere groenten.
De mooie paarse bloemen die zich aan de top bevinden, kunnen ingedroogd
worden
voor droogboeketten, en zijn vooral goeie lokkers voor hommels en
vlinders in de tuin.
Zaden winnen van deze plant brengt soms veel problemen met zich mee,
daar ze makkelijk schimmelen. (te hoge vochtigheidsgraad).
In onze klimaatzone wordt de kardoen verbouwd als een éénjarig gewas,
doch in zijn natuurlijke vorm gaat hij de winter door als een tweejarige
plant.
Deze plant wordt gesorteerd onder de distelachtigen, zoals andere bij ons gekende: akkerdistel, knikkende distel,
kruldistel,
kogeldistel,...
Variëteiten:

Er zijn soorten met stekels en soorten zonder.
---> Volle doornloze (meest toegepaste voor de
groenteteelt).
Uiterlijke kenmerken: lange grijsgroene bladeren of bladstelen.
Die zich qua uitzicht
als het ware ontwikkelen als
"één grote selderplant".
De teelt:
Omstreeks eind maart beginnen we met de koude teelt of zaai in
perspotjes.
Zaai steeds enkele zaden per potje op een diepte van ongeveer 5 cm en selecteer
enkel de best opgekomen kiemen.
Je kan ook rechtstreeks in de volle grond zaaien vanaf begin
mei,
maar voorzie dan wel een diep bewerkte bodem voor een
ongehinderde groei!
Let wel op dat de plant een penwortel aanmaakt en
verplanten niet zo best is,
daar er anders groeiachterstand optreed.
Het ontkiemen zelf duurt een 2 tal weken.
Bij bovenstaande zaaidata zal de oogst dan vanaf half
september, t.e.m. eind oktober zijn.
Voorzie de nodige plaats voor de uitgroei van de planten,
om verdringing
van andere
gewassen uit te sluiten. (1,5
m² lijkt mij een
goede afstand tussen
de planten onderling).
Tussenteelt kan door laagblijvende gewassen te
zaaien.
Voorzie tevens een goeie basisbemesting die rijk is aan
stikstof, en geef
af en toe wat korrelmeststof.
Een goede verteerde stalmest kan ook, doch geen
onrijpe stalmest
daar deze teveel stikstof (voor omzetting)
verbruikt uit de bodem.
Zorg tevens voor de juiste vochtvoorziening door middel van
stabiele kompost, deze houdt makkelijker het water vast voor
drogere periodes.
Mulching kan hier dan ook alvast ten goede komen.
Kardoen voelt zich net als andere distels thuis op
vrijwel elke grondsoort,
en behoeft trouwens geen kaligiften zoals andere
groenten.
Belagers:
Vooral zwarte luizen zijn soms aanwezig op de stengel van de
bloemknoppen.
Hun natuurlijke vijanden zijn de
lieveheersbeestjes en hun larven
alsook oorwurmen enz…
Botrytis cinerea (is een zwakteparasiet)
en meeldauw zijn de 2 belangrijkste schimmelziekten
die hier voorkomen. Behandel meeldauw evt. met spuitzwavel.
Probeer zoveel
mogelijk monocultuur te vermijden.
Eten en drinken:
Er zouden
studies gemaakt zijn over de aanwezige stof cynarine, waaruit
blijkt dat na het nuttigen van deze groente, alles veel zoeter zou
beginnen smaken en wijn zou
een metaalsmaak krijgen?
Aldus de wijnkenners onder ons zijn gewaarschuwd! De grootste hoeveelheid cynarine bevindt zich
in de
bladeren.
De bladeren
worden gebleekt met stro of jutte zakken voor enkele weken,
alvorens ze verwerkt worden.(Bleek vanaf einde augustus). Vroeger
werden de planten zelfs in kelders geteeld, om ze iets langer te
kunnen behouden. (In de oudheid was dit zelfs een feestelijk
gerecht).
De bladeren worden als bleekselder klaargemaakt bv. met
tomaat en kaassaus.
Tip: Verwerk het jong blad steeds vers,
ontdaan van de nodige vezels. Het blad is beperkt houdbaar.
Gezondheid:
- Werkt eetlustopwekkend en vetverbrandend.
- Heeft
een goede uitwerking op de cholesterol en heeft vooral een
zuiveringsfunctie op ons lichaam. (Lever en gal).
- Werkt in op
jicht, reuma, artritis, bloedsuiker, urinewegen.
- Bevat veel
vitaminen A, B, C, en sporenelementen.